Ben jij een krachtpatser?

of een duursporter?

Waarom zullen sommigen mensen nooit gespierd worden terwijl anderen al groeien waar je bij staat. Hoe kan het dat het ene lichaam van nature geschikt is voor marathons en het ander voor korte sprintjes.

Dit komt o.a. door de verschillende spiervezeltypen en de verhouding waarin ze in het lichaam voorkomen. Per persoon is dat verschillend en hangt af waarmee je geboren bent.

Spiervezels zijn onder te verdelen in twee typen, waarbij 1 soort nog uit subtypen bestaat. Het belangrijkste verschil is de langzame (slow twitch, type I) en de snelle (fast twitch, type IIa en type IIb) vezels.

  • Slow twitch vezels: Bevatten veel “energiecentrales”, haarvaten en eiwitten. Door de vele haarvaten (zeer dunne bloedvaten en het ijzergehalte in het bloed) zijn de vezels rood gekleurd. Deze vezels kun je vergelijken met een stoom locomotief. Voeg er langdurig zuurstof aan toe (bijv. bij het lopen van een marathon), dan blijft de “locomotief’ rijden. Het bloed transporteert de zuurstof en zorgen samen met de eiwitten voor de verbranding in de energiecentrales. Deze trage spiervezels zullen nooit goed explosief kunnen reageren. De “locomotief” moet nl. eerst op gang komen.
  • Fast twitch type IIb vezels: Bevatten veel glycogeen (een suiker, energievoorraad) en kunnen veel sneller ATP (energierijke fosfaatverbindingen) splijten waardoor er snel energie vrij komt. Maar doordat ze minder “energiecentrales”, haarvaten en eiwitten hebben wordt ATP langzamer aangevuld. Het samentrekken van de spier (de contractiesnelheid) is 10x zo snel als de slow twitch spieren, maar voor korte duur. Typische vezels voor powerlifters of sprinters.
  • Fast twitch type IIa vezels: Dit zijn vezels met een tussenvorm. Ze bevatten veel “energiecentrales”, haarvaten en eiwitten, én ze zijn in staat snel ATP te splitsen. Qua snelheid als uithoudingsvermogen vallen deze vezels tussen de type I en Type IIb in (ongeveer 5x zo snel als slow twitch). Bodybuilders maken vaak gebruik van dit type vezel.

Marathonlopers hebben erg veel trage spiervezels. Hoe meer de sport gericht is op duur en uithoudingsvermogen, hoe meer je gebaat bent bij hoge aantallen langzame slow twitch Type I spiervezels. Deze vezels zijn een stuk dunner in omvang. De dikte van de diameter van de spiervezel is bij een sprinter groter, is steviger gebouwd, dan bij een marathonloper. Een sprinter heeft nl. explosiviteit nodig en dus de snellere Fast Twitch Type IIb vezels.

Natuurlijk spelen andere facetten ook een belangrijke rol hierin. Zenuwen, stofwisseling, voldoende rust, je leefpatroon…… Type spiervezels is maar een klein stukje uitgelicht van een zeer complex geheel, het wonderbaarlijke menselijk lichaam.

In alle gevallen, sport of geen sport, massage kan bijdragen aan een goede stofwisseling, wat op zijn beurt helpt naar een betere prestatie, of een beter gevoel in je lijf en hoofd in het dagelijks leven.